10 redenen waarom je hormonen belangrijk zijn tijdens het afvallen

Afvallen is meer dan een kwestie van ‘gewoon wat minder eten’.

Alles in ons lichaam is met elkaar verbonden. Zo spelen je hormonen een belangrijke rol tijdens het afvallen.

In dit artikel lees je 10 redenen waarom je hormoonbalans belangrijk is tijdens het afvallen.

Jouw hormonen en gewicht

1: Insuline en vetopslag

Insuline is een hormoon dat je lichaam zelf aanmaakt. Het is een belangrijk hormoon: het zorgt er namelijk voor dat energie (suikers) uit je bloedbaan in je spieren, organen en cellen terechtkomen.

Zonder insuline kun je niet overleven. Terwijl je dit leest, maakt je lichaam zelfs insuline aan om je bloedsuikerspiegel in balans te houden.

Een bekend hormonaal probleem is insulineresistentie. Zoals de naam al doet vermoeden, ben je dan resistent geworden voor insuline. Oftewel: je maakt nog wel insuline aan, maar je lichaam luistert er niet meer goed naar.

Het gevolg van insulineresistentie is de vervelende situatie waarbij je bloedsuikerspiegel vaak te hoog is.

Een ander gevolg is dat je minder snel of minder makkelijk kunt afvallen. Een goede werking van het hormoon insuline is namelijk noodzakelijk om gezond af te vallen.

 De oplossing: Insulineresistentie kun je vaak terugdraaien voordat het vordert naar diabetes type 2. Lees hier mijn beste tips om insulineresistentie te genezen en vraag bij je huisarts om een nuchtere bloedglucosetest om de medische noodzaak van jouw situatie vast te stellen.

2: Een insulinepiek houdt de ‘deurtjes’ van je vetcellen stevig dicht

Insuline opent de deurtjes van je cellen, zodat er energie naar binnen kan. Maar dit zorgt er ook voor dat je vetcellen geen ongewenst lichaamsvet meer kunnen verbranden.

Je lichaam is vet aan het verbranden of aan het opslaan – het is vrijwel altijd één van de twee.

Afvallen met hoge insulinewaardes is een lastige strijd. Daarom hebben mensen met insulineresistentie of diabetes type 2 vaak meer moeite met afvallen. Door je insulinewaardes laag te houden, gaat het ‘slot’ van je vetcellen af en wordt afslanken vele malen makkelijker.

  De oplossing: Als je wilt afvallen, vermijd dan suikers en andere snelle koolhydraten die voor een insulinepiek zorgen. In dit artikel lees je een overzicht van alle ‘goede’ en ‘slechte’ koolhydraten.

3: Ghreline zorgt voor honger

Ghreline wordt ook wel ‘het hongerhormoon’ genoemd. Als je maag leeg is, wordt er ghreline aangemaakt. Dit geeft je hersenen het seintje dat er gegeten moet worden. Zodra je gegeten hebt, neemt de aanmaak van ghreline weer af, zodat je hersenen het seintje krijgen dat je kunt stoppen met eten. Uit onderzoek blijkt dat dit systeem verstoord is bij mensen met overgewicht [1].

Zo bleek uit een onderzoek onder 122 vrouwen dat het ghrelineniveau van slanke vrouwen na het eten van een maaltijd aanzienlijk daalde, terwijl er bij de mensen met overgewicht en obesitas slechts een kleine daling van het ghrelineniveau te zien was [2].

Een hoog ghrelineniveau werkt overeten in de hand. De hersenen krijgen dan immers geen duidelijk signaal dat er niet meer gegeten hoeft te worden. Dit maakt afslanken moeilijker en kan overgewicht verergeren.

 De oplossing: Eet gezonde vetten, vezels en eiwitten om het hormoon ghreline in toom te houden.

4: Ghreline vertraagt je stofwisseling

De belangrijkste taak van ghreline is naar je hersenen communiceren dat er gegeten moet worden. Daarnaast doet het hormoon ghreline nóg iets belangrijks wat je gewicht kan beïnvloeden: het vertraagt je stofwisseling.

Een hoger ghrelineniveau betekent tenslotte dat er gegeten moet worden, en als er eten nodig is, kan je lichaam maar beter zuinig omgaan met de voorraden die het nog heeft. Dit zorgt ervoor dat de stofwisseling vertraagt en je dus minder energie verbruikt.

Hoewel het vervelend kan zijn om honger te hebben, is het voor veel mensen oké om periodiek te vasten of het ontbijt over te slaan.

 De oplossing: Het eten van voldoende eiwitten is één van de beste manieren om het hormoon ghreline laag te houden. In dit artikel lees je hoeveel eiwitten per dag je het beste kunt eten.

5: Leptine zorgt voor een verzadigd gevoel

Het hormoon leptine is erg belangrijk tijdens het afvallen. Bij de ontdekking van dit hormoon werd deze zelfs vernoemd naar het Griekse woord voor ‘dun’.

Als je aan tafel je bord opzijschuift en zegt “Zo, ik zit vol“, dan heeft leptine haar werk gedaan. Dit hormoon zorgt er namelijk voor dat je geen honger ervaart. Leptine wordt dan ook wel ‘het verzadigingshormoon’ genoemd.

Leptine wordt onder andere aangemaakt in onze eigen vetcellen. Dat lijkt een handig mechanisme, want hoe meer vetcellen je hebt, hoe meer leptine je aanmaakt en hoe minder honger je dus zou moeten hebben [3]. Dit zou een bescherming zijn tegen overgewicht.

Helaas pakt dit in de praktijk anders uit. Als je meer leptine aanmaakt doordat je meer vetcellen hebt, dan raakt je lichaam er na een tijdje aan gewend. Sterker nog: als er telkens veel leptine aanwezig is, gaat je lichaam het negeren. Het wordt een beetje ‘doof’ voor leptine [4].

Deze aandoening heet leptineresistentie en kan leiden tot:

  • Altijd honger
  • Weinig zin om te bewegen of te sporten
  • Moeite met afvallen (ondanks dat je weinig eet)
  • Weinig levenslust
  • Laag energieniveau

Dit heeft allemaal de onderliggende oorzaak dat jouw lichaam niet meer goed naar het hormoon leptine luistert.

 De oplossing: Het menselijk lichaam kent een onvoorstelbare natuurlijke geneeskracht. Het kan veel aandoeningen zelf genezen onder de juiste omstandigheden. Dat geldt ook voor leptineresistentie. In dit artikel heb ik praktische tips voor je uitgeschreven om leptineresistentie te genezen.

6: Cortisol stimuleert vetopslag (met name in de buikstreek)

Cortisol is een hormoon dat je onder andere aanmaakt als je stress ervaart. Het staat daarom bekend als ‘het stresshormoon’. Cortisol zorgt ervoor dat je beter kunt handelen in stressvolle situaties, onder andere doordat het je alerter maakt.

Als je vaak en veel cortisol aanmaakt, kan het hormoon echter schadelijk zijn. Het zorgt er namelijk voor dat je sneller vet opslaat, en dan met name in de buikstreek [5,6]. Dit is extra nadelig, omdat buikvet gevaarlijker is dan vet op andere plaatsen van je lichaam.

Daarnaast kan cortisol ervoor zorgen dat hersencellen sneller sterven, kan het de darmflora negatief beïnvloeden, kan het de weerstand verlagen en kan het de eetlust aanzienlijk verhogen (zoals je hieronder kunt lezen).

 De oplossing: Slaap voldoende (7-9 uur per nacht), neem elke dag een rustmomentje voor jezelf, beperk je alcoholinname, drink niet te veel koffie, beweeg voldoende en verminder stress.

7: Cortisol veroorzaakt (zoete) trek

Heb je in stressvolle tijden sneller zin in zoetigheid? Dit zou wel eens door cortisol kunnen komen. Dit hormoon zorgt er namelijk voor dat je meer trek krijgt, met name in zoet en vet eten.

Dit is op zich al vervelend, maar het kan nog een stukje vervelender worden. Het kan er immers voor zorgen dat het een gewoonte wordt om in stressvolle situaties te snoepen en te snacken.

Dit mechanisme werkt als volgt: cortisol zorgt voor trek in zoet en vet eten. Zodra je dit eet, ontstaat er een beloningsreactie in je hersenen. Er komt endorfine vrij, een stofje dat je een fijn gevoel geeft. Onbewust onthoud je dit: zoet en/of vet eten zorgt ervoor dat ik weer blij word. Zo kan emotie-eten of zelfs een eetverslaving ontstaan.

 De oplossing: Haal geen zoetigheid meer in huis en creëer een situatie waarin jij het (meestal) wint van zoete trek.

8: Cortisol kan voor spierverlies zorgen

Cortisol vertelt je lichaam dat er paniek is en dat er zo snel mogelijk meer energie nodig is (dit is ook één van de redenen waarom cortisol zoete trek veroorzaakt). Deze extra energie is uiteraard handig als je daadwerkelijk in gevaar bent en snel moet vluchten. In de praktijk zitten we in stressvolle situaties echter vaak gewoon op onze stoel en is deze extra energie dus niet noodzakelijk.

De vraag om meer energie die cortisol afgeeft, werkt niet alleen overeten in de hand: het kan er ook voor zorgen dat er spiermassa wordt afgebroken om deze te gebruiken als energiebron. En indirect vergroot ook dit weer het risico op overgewicht. Spiermassa draagt namelijk bij aan een gezond gewicht.

 De oplossing: Cortisol start de vecht-of-vluchtreactie. Zowel vechten als vluchten zorgt voor een fysieke beweging. Vandaar dat bewegen en sporten zeer effectief zijn om cortisol te verlagen (dan ‘denkt’ je lichaam dat je bent gevlucht of hebt gevochten).

9: Oestrogeen is bepalend voor je vetverdeling

Veel vrouwen ervaren het: rond de overgang ontstaat er ineens een buikje, terwijl je niet méér eet dan daarvoor. Dit wordt veroorzaakt door veranderingen in de oestrogeenaanmaak.

Het type oestrogeen dat je voor de overgang aanmaakt (in de eierstokken) zorgt er namelijk voor dat je als vrouw vooral vet opslaat op je heupen, dijen en billen. Tijdens de overgang neemt een ander type oestrogeen het over (dat wordt aangemaakt in de bijnieren), en dit type stimuleert juist de vetopslag op je buik.

Naast je lichaamseigen oestrogeen kun je ook schadelijke xeno-oestrogenen van buitenaf binnenkrijgen. Deze verstoren je hormoonhuishouding en dragen bij aan overgewicht.

We krijgen deze stoffen onder andere binnen via plastic flesjes, plastic voedselverpakkingen, cosmetica en schoonmaakmiddelen. Sommige onderzoekers denken dat deze stoffen wel eens één van de oorzaken van de obesitasepidemie zouden kunnen zijn [7].

 De oplossing: Verminder het gebruik van plastic verpakkingen, met name bij warm of zuur voedsel.

10: Serotonine draagt bij aan een sterke wilskracht en motivatie

Serotonine wordt ook wel ‘het gelukshormoon’ genoemd. Het maakt je blij, energiek en positief. Dit hormoon kan je daardoor helpen om je motivatie en wilskracht te verbeteren. Een tekort aan serotonine kan juist voor vermoeidheid en depressieve gevoelens zorgen, wat het moeilijker maakt om vastberaden te blijven.

En als je ervaring hebt met afslanken, dan weet je dat het onmisbaar is om motivatie en een sterke wilskracht te hebben. Zowel om af te slanken als om de kilo’s er vervolgens af te houden. Voor een gezond gewicht is het daarom belangrijk dat je voldoende van dit gelukshormoon aanmaakt.

 De oplossing: Eet gezond en gevarieerd, slaap voldoende, verminder stress en ga regelmatig in de zon staan om voldoende vitamine D aan te maken (of overweeg om een vitamine D3-supplement in combinatie met een vitamine K2-supplement te nemen – altijd in overleg met een arts).

Maak afslanken makkelijker voor jezelf

Maak afslanken gemakkelijker door ervoor te zorgen dat je hormonen je helpen, in plaats van je tegen te werken.

In dit artikel heb ik alle voorbeelden bewust simpel gehouden. Ze zijn bedoeld om je een idee te geven van hoe belangrijk de rol van je hormonen is tijdens het afvallen, en dat je er zelf iets aan kunt doen.

De hormonen die bij het afvallen een belangrijke rol spelen zijn insuline, ghreline, leptine, cortisol, oestrogeen en serotonine. Als deze hormonen in balans zijn, zal je merken dat afslanken makkelijker en sneller gaat. En misschien nog belangrijker: dat je je weer goed en energiek voelt.

Vind je al deze informatie overweldigend, maar wil je alsnog starten met afvallen? Dan raad ik je aan om mijn artikel over koolhydraatarm eten te lezen. Daarin vind je uitleg, tips, recepten en een weekmenu.

En onthoud dit: het is nooit te laat om gezond te eten. Veel succes.